moutarde-13 Pirra

Ze hadden elkaar ontmoet op een ruilbeurs van zandverzamelaars en waren vrienden geworden, na een uitwisseling van verboden zeldzaam zand van de Galaposeilanden en niet minder discutabel zand uit Auschwitz, waarbij hij zich had afgevraagd of dat niet voor eeuwig was vermengd met as. Hij zag hem kijken naar de golven en probeerde zijn voorbeeld te volgen. Tot hun voeten overspoeld werden door eentje die ze uit het oog hadden verloren op het laatste moment.

 

They had met at a sand collectors’ exchange and had become friends, after an exchange of forbidden rare sand from the Galapagos Islands and no less questionable sand from Auschwitz, which he had wondered had not been forever mixed with ashes. He saw him watching the waves and tried to follow his example. Until their feet were swamped by one they had lost sight of at the last moment.

 

Een keer, hij was zo ongeveer twaalf, dertien
jaar, speelde hij verstoppertje met vriendjes en vriendinnetjes. Een meisje, misschien veertien, had hem meegetrokken de krantenkast in op de zolder. Ze lagen in het vrijwel donker naast elkaar op de oude kranten en hij voelde haar zo’n beetje tegen zich aan. Ze had rood haar dat in het donker van de kast meer kriebelde dan kleur gaf. Het duurde heel lang, hij wilde dat er geen einde aan zou komen. Hij voelde haar huid, haar arm en de warmte van haar lijfje. Ze had zijn hand gepakt en op haar borst gelegd. Daar bleef zijn hand als bevroren liggen, niet wetend wat hij voor iets paradijselijks voelde, een wolk misschien waarop engeltjes uitrusten. Het was later onmogelijk geweest zich dat gevoel te herinneren, alsof je alles en niks in je handen had en betoverd was door een ongrijpbare zachtheid. Na een eeuwigheid waren ze opgekrabbeld en hadden zich met rode konen tussen de anderen begeven alsof ze niks met elkaar te maken hadden. Hij keek naar de rode daken in de verte, wind waaide over het water, het leek allemaal heel lang geleden.

 

Once, when he was about twelve or thirteen, he was playing hide and seek with his friends. A girl, maybe fourteen, had dragged him into the newspaper closet in the attic. They lay side by side in the near dark on the old newspapers and he felt her against him. She had red hair that, in the darkness of the cupboard, was more itchy than colourful. It lasted a long time, he wished it would never end. He felt her skin, her arm, the warmth of her body. She had taken his hand and laid it on her breast. His hand remained there, frozen, not knowing what he felt for something paradisiacal, a cloud perhaps on which angels rest. Later, it had been impossible to remember that feeling, as if you had everything and nothing in your hands and were enchanted by an intangible softness. After an eternity, they had got up and, with red cheeks, had made their way among the others as if they had nothing to do with each other. He looked at the red roofs in the distance, wind blowing over the water, it all seemed a long time ago.